Het café van Driek en Leen van Hoof
Het café van Driek en Leen van Hoof

Mijmeren over Ginneve, deel 3

Algemeen 209 keer gelezen

Tot de oudste nederzettingen van Valkenswaard kan ook Geenhoven worden gerekend. Gelegen tussen de Dommel, Eindhovenseweg en Sportpark D’n Dries. In de dertiende eeuw woonden er al mensen. Peter van der Palen, zelf woonachtig aan de Carolusdreef, dook in de geschiedenis van ‘Ginneve’ en schreef – speciaal voor het Valkenswaards Weekblad – een serie over dit bijzonder stuk ‘Valkeswird’.

Waar nu de ‘Zoete Inval’ staat (voorheen flatgebouw Ginneve), stond tot 1968, boerderij-café van Driek (1883) en Leen van Hoof (1893). Driek was boer (varkens, koeien, kippen) en nam in 1916, drie jaar gehuwd toen, de aloude herberg op Geenhoven 52 over. Het echtpaar Van Hoof krijgt zes kinderen. Het café had een roodblauwe tegelvloer, met speciaal zand om schoon te vegen. Het pand werd verwarmd door een kolenkachel.

Leen stond achter de bar. Zij was de baas. Je flikte niks, want ze hield alles scherp in de gaten. Zo meldde een vrouwelijke klant na een dans: “Mun lozzie is weg. Bel de pliessie!” Leen reageerde resoluut: “Gin pliessie nodig”. Ze zei tegen de man met wie de vrouw had gedanst: “Gif hier, gif terug!”. Leen wist namelijk vrijwel zeker dat hij het horloge zojuist had gejat. Vermoeidheid was haar vreemd en ze graag mensen om zich heen.

Kwatta

De klanten kregen flesjes bier en bij grote drukte, bijvoorbeeld tijdens de kermis of als er een feest was, was er bier van de tap (Dommelsch uiteraard). Claes Drankengroothandel was een van de leveranciers. Wijn hadden ze ook. En repen kwatta. Geen ander snoep. Doordeweeks was het café meestal gesloten. Wél kwamen dan enkele stamgasten achterom, om in de keuken een borreltje te drinken.

In het café zat onder de tafels een schuif, om bij het kaarten de borrel ‘veilig’ neer te zetten. Want na de misgang op zondag, werd er volop gekaart: rikken, bonaken, katten en toepen. ‘Wa sopte gij’, vroeg Leen aan de klanten. Dat betekende: ‘Wa drinkte?’. Ze gaf het glas bier dan aan, met haar vingers erin…Er stond een gehuurde jukebox, met plaatjes van Rob de Nijs, Elvis, Johnnie Hoes en Tante Leen.

Draaiorgel

Met ‘Valkeswird Kermis, toen nog in augustus, ging het biljart in de schuur en werd een houten dansvloer in het café gelegd. In een tent aan de zijgevel kwam een gehuurd draaiorgel uit Tilburg te staan, dat al om elf uur ‘s morgens begon te spelen. Tot één à twee uur ’s nachts. Dansen maar! Vijf cent per dans. 
Leen haalde in een opgehouden schort het dansgeld op.

De politie kwam met de kermis ’s nachts sluiten. Agenten als Verboekel (‘Boekeltje’), Verhoeven en Van Heist waren de ‘wet’. Leen zei dan tegen bijvoorbeeld Van Heist: “Ik heb nog maar anderhalve gulden ‘gebeurd’. Moeten we nu al sluiten?” Ze had achter haar rug al enkele sigaren (Willem II) in haar hand, om de pliessie om te kopen. Die ging dan weer en het dansorgel speelde gewoon door.

Ook mensen uit Waalre en Veldhoven, die terugkwamen van ‘Valkeswird Kermis’, legden vaak nog ‘effe’ aan. In de negentiende eeuw vonden op de markt van Valkenswaard veemarkten plaats. Meestal op de laatste maandag van de maanden maart, april, mei, juni, juli, augustus, september en oktober. 
Dan kwamen er veel ‘Wolderse’ klanten in het café.

Bronnen:
- Bots J. en Melotte H., ‘Van Wedert tot Valkenswaard (1997)
- Gemeente Valkenswaard
- Canon van Valkenswaard
- Noud Jonkers
- Sien van Hoof

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant